Freddy & Jacques Vandenheede (Zingem) : Algemeen Kampioen KBDB 2018 en superieur op alle terreinen (deel 1)

  • Nieuws
Gepubliceerd op: 08/03/2019 18:41

Geen woorden maar daden. Een uitspraak die nogal dicht aanleunt bij de stijl van dit super broederpaar in de duivensport. Superlatieven vinden om de prestaties in de verf te zetten die ze de laatste jaren tentoon spreiden is geen evidentie. “Goed, beter, best, top…en dan heb je resultaten van de broers Vandenheede” geeft bij benadering weer hoe hard zij met hun duivenploeg tekeer gaan van snelheid tot zware fond. Jacques en Freddy zijn geen grootpraters, geen tribunespelers, maar halen keihard uit met resultaten tijdens de wedstrijden. Een aanpak die door Freddy graag wordt omschreven als “no nonsence”.

Een echte allroundkolonie, alleskunners, maar dan allround op een niveau om van te duizelen. Wat ze vorig seizoen uit hun mouw hebben geschud is heel straf. Tijd dus om op gesprek te gaan en te peilen naar hun zienswijze op de duivensport, hun aanpak en hun motivatie om tot deze resultaten te komen. Buiten heeft het ferm gesneeuwd, de natuur ligt er mooi wit bij, ideaal om bij een tas koffie en voor de start van het nieuwe seizoen op vraaggesprek te gaan. In deel 1 brengen we de kweekstrategie en de verzorging van de weduwnaars aan bod aangevuld met enkele topresultaten en topduiven. In deel 2 brengen we aanpak bij de weduwduivinnen en de jonge duiven aan bod aangevuld met nog enkele resultaten en topduiven.

Jullie hebben allebei ruime ervaring in de duivensport, heeft de samenwerking tot nog betere resultaten geleid ?
F & J : We zijn beiden letterlijk tussen de duiven opgegroeid. Vader René was in zijn generatie ook een echte topper die de goede duiven wist te halen en te kweken en ook zeer sterke resultaten neerzette. Hij is met zijn duivenstam feitelijk nog steeds de grondlegger van de huidige kolonie. Diverse namen van topduiven uit zijn glorieperiode zijn nog in onze pedigrees terug te vinden. Jacques (73 jaar) speelde jarenlang op eigen houtje met nationale top en zeges tot resultaat. Freddy (58 jaar) speelde geruime tijd samen met vader Rene en nadien in tandem met ons mama. Door het feit dat we heel dicht bij mekaar wonen en na overleg en beraad kwamen we tot de vaststelling dat een samenwerking mogelijks nog tot betere resultaten kon leiden. Bijkomend kan je het werk aan de duivenkolonie spreiden over meer handen en onze verzamelde kennis leidt tot een meerwaarde . Ook de relatie tussen ons beiden is er intenser en hechter op geworden.

Hoe is de taakverdeling tussen jullie beiden ? Is er sowieso een taakverdeling ?
F & J : de kweekduiven huizen op de hokken bij Jacques, alle vliegduiven huizen op de hokken bij Freddy. Jacques neemt in principe de kweekduiven voor zijn rekening en Freddy de vliegduiven, maar in de praktijk overlapt dit alles elkaar en zijn we ‘multifunctioneel inzetbaar’ zoals we dat het best omschrijven. Jacques is reeds een aantal jaren met pensioen maar Freddy is nog fulltime actief in het onderwijs in een overkoepelende-coördinerende functie. Hierdoor is zijn tijdsbesteding beperkt en dient alles goed gepland en overlegd te worden. De communicatie is dagelijks en iedereen kan en weet alles over de verzorging en aanpak. Wanneer Freddy vertrekt dan kan Jacques naadloos overnemen en weten hij precies wat er nog dient uitgevoerd. Na een aantal jaren hebben we met een blik meestal genoeg om te weten hoe de dag verder verloopt, maar dagelijks overleg is en blijft een noodzaak om een dergelijke kolonie te runnen.
Maar hier is er is 2019 versterking op komst. Claude, die reeds meehielp in de weekends, komt ons duo voltijds versterken vanaf de lente 2019. Hij is sterk vertrouwd met de duivensport, heeft zelf heel mooie resultaten behaald met zijn duiven en kent onze aanpak reeds geruime tijd. Het is dan ook een goede en weloverwogen zet om er bijkomend iemand voltijds bij te hebben in de verzorging. Claude zal als een volwaardig lid meedraaien in de verzorging van de duiven.

We weten dat jullie over één van de beste kweekhokken van de duivenwereld beschikken, omdat jullie geen nationale winnaars of asduiven verkopen. Op welke kweekstrategie is jullie aanpak gestoeld ?
F & J : We verkopen niet onze sterke bomen, wel de vruchten. We verkopen geen nationale winnaars, geen asduiven, geen Olympiade-duiven of wat dan ook. We zijn dermate gepassioneerd door de duiven en de resultaten die we halen dat we ons niet goed voelen bij een eventuele verkoop van onze toppers. De bedragen die soms op ons afkomen zijn hallucinant maar wegen niet op tegen het sentiment en de voldoening van deze sterke basis.
We beschikken over 50 kweekkoppels waarvan er slechts enkele echt als vaste koppels bij elkaar blijven. Het is de regel dat de duiven vrij op de kweekhokken mogen kweken, maar om de originezekerheid te verzekeren beschikken we over een aantal boxen. In deze boxen mogen de koppels paren en bevruchten maar wordt er niet gekweekt. Het broeden en opkweken van de jonge duiven gebeurt op een vrij hok. We hanteren de doelstelling dat de topduivers tweemaal met een andere duivin paren en bevruchten in een box en nadien terug met hun vaste duivin kweken op het kweekhok.
Onze kweekstrategie is gebaseerd op 1 regel nl. goed op goed. We hebben goede duiven in alle modellen en kleuren en dat is voor ons geen doel op zich. We baseren ons voor 99 % op de resultaten en deze aanpak die we reeds een ruim aantal jaren doorvoeren heeft ons naar de huidige topresultaten geleid. Indien nodig wordt er wel aan compensatiekweek gedaan. Een duiver met een groot gabarit wordt bewust tegen een kleinere duivin gekoppeld, maar verder dan deze aanpassingen gaat het niet. We houden ons niet aan ogenkoppelingen en dergelijke. We koppelen o.b.v. resultaten en o.b.v. afstamming.
Aangename avonden, meestal in de maand oktober, zijn de uren dat we samen, ondersteund door de uitslagen en de afstamming, de koppels op papier samenstellen. Er wordt goed overlegd over wie met wie wordt gekoppeld en dat is een aangenaam tijdverdrijf in de donkere dagen.
De kweekduiven worden eind november gekoppeld en kweken normaliter 4 rondes Vorig jaar en dit jaar werd de eerste ronde verkocht en wordt vanaf de tweede ronde gekweekt voor eigen gebruik.
De ervaring heeft ons geleerd dat een goed kweekkoppel ook al eens een zwak moment kan hebben. Koppels waar we toch al enkele goede nazaten van hebben geven plots geen goede kweek meer. Daarom veroordelen wij deze koppeling niet, maar laten ze eens kweken met een andere partner en brengen ze dan terug samen. Dit geeft een nieuwe elan in de kwaliteit van de nakomelingen.

Jullie duiven zijn in de voorbije jaren geëvolueerd van (voorkeur) halve fond en zware halve fond naar allroundduiven die zowel vanaf 100 km tot 900 km de kop halen. Hoe is dit in zijn werk gegaan ?
Halve fond en zware halve fond waren voorheen de vluchten die onze voorkeur wegdroegen en we verloochenen dit zeker niet. We hebben bewust gekozen om, met als doel de algemene kampioenschappen, onze kolonie meer allround uit te bouwen.
Deze aanpassing is over een aantal wegen gelopen. We hebben vastgesteld dat onze oude stam ook wel de dagfond aankon, alleen hadden we ze hier minder op ingezet in het verleden, maar de vluchten van 600-700 km konden ze perfect aan.
De inbreng van de De Rauw-Sablon duiven heeft onze kolonie meer dagfond-en fondbloed bijgebracht en deze pakten heel goed op onze oude stam. Er werden ook een aantal duiven bijgehaald met specifiek fondbloed en voorzichtig ingekruist in onze duiven (op het gevaar af personen te vergeten spreken we van Luc Van Coppenolle, Wilson Dekens, Guy en Roland Nihoul, …).
Maar andersom zijn we ook niet vies van snelheidsduiven in te kruisen op onze stam. Wanneer deze duiven de kwaliteiten hebben om ook meer kilometers aan te kunnen dan proberen we dit ook wel uit. Zo was superduivin Morgane (Luc Vanaelst) een typische halvefondduif, maar had blijkbaar ook wel de kwaliteiten voor dagfond, alleen werd ze op deze afstanden niet gespeeld. Haar nazaten hebben overduidelijk bewezen dat ze de kilometers aankonden. Van Sylvain Verhestraeten – Herentals komt Chanel nr 1. Deze duivin is op korte tijd uitgegroeid tot één van onze beste kweekduivinnen.
We hebben wel vastgesteld dat de typische zwarefondduif (900 km en meer) een duif is die wij niet echt ambiëren. Overnachtduiven zijn toch wel sterk verschillend van dagfondduiven of ‘aantikkers’ zoals we die noemen, nl de duiven die persé nog de dag zelf hun hok willen bereiken. We hebben dit geprobeerd, maar willen hier niet echt de focus op leggen. Een Perpignan top spelen kan wel en dit hebben we in de voorbije jaren ook wel bewezen.

Doen jullie aan inteelt ?
F & J : Inteelt durven we het niet noemen, noem het eerder lijnenteelt. We doen dit in de zomerperiode waarbij we een aantal kweektesten uitvoeren met onze beste duiven. Komen uit deze kweek gezonde duiven met de kenmerken van de ouders dan durven we deze behouden voor de kweek, maar dit is eerder de uitzondering dan de regel.
Vergeet ook niet dat wij de selectienorm heel hoog leggen. Een analyse van de voorbije jaren heeft ons geleerd dat er 10 % van de duivinnen na 1 jaar nog aanwezig zijn en bij de duivers is dit 20 %. Het percentage bij de duivers ligt wat hoger omdat we hier iets meer geduld hebben met het oog op een latere fondcarrière. We kweken veel, we spelen graag met veel duiven, maar op het einde van het seizoen ligt de lat heel hoog voor wie mag doorstromen naar de vliegploeg van het volgende jaar. Omdat we quasi uitsluitend op resultaten selecteren wijken we hier slechts sporadisch van af.

Hoe is de verzorging van de kweekduiven ?
F & J : De kweekduiven moeten van nature sterk zijn en worden ook zo dicht mogelijk bij de natuur gehouden. Het principe is dat de kweekduiven niets supplementair krijgen dan goed voer en water. De enige afwijking hierop is looksap in de drinkpot en voldoende grit en mineralen. Er staat steeds een emmer met water en bollen look te ‘trekken’. Hieruit wordt geschept en in de drinkpot gegoten. De emmer wordt aangevuld met water en kan terug verder looksap genereren. We zijn evenwel niet naief ! De kweekduiven worden op geregelde basis medisch nagezien, maar preventief en normaal nooit reactief.

Geloven jullie in ‘hengsten’ of kunstmatige bevruchting ?
F & J : We hebben hier geen ervaring mee en gaan dit normaliter ook niet trachten op te starten. We zijn echte duivenliefhebbers en laten graag de duif zo natuurlijk mogelijk zijn leven leiden. Vooral voor kweekduiven is het van belang dat ze zich thuis voelen en op een rustige en veilige manier kunnen kweken. We doen ook geen uitspraken of dit beter of slechter is, maar we hebben er gewoon geen ervaring mee.
Samengevat kunnen we onze kweekvisie omschrijven als “goed x goed” en zo dicht mogelijk bij de natuur. We stellen wel vast dat het een menselijk genoegen is om over een dergelijk kweekhok te beschikken. Het brengt ons elke dag voldoening om deze duiven te zien, ze in de hand te nemen, en de luxe te hebben van te kunnen kiezen welke provinciale- nationale winnaars, asduiven enz… we met elkaar kunnen koppelen. We kunnen begrijpen dat goede duiven verkocht worden, maar bij ons is dit niet de doelstelling. Ook stellen we vast dat er alsmaar minder ‘afval’ gekweekt wordt. Door de lat steeds hoger te duwen verhoogt ook de kwaliteit van de duiven in de hand. Alhoewel er ook hier uitzonderingen zijn, zo is onze beste dagfondduif Olympic Tygo allesbehalve een beauty, maar wel een keiharde kopvlieger ! Zo zie je maar dat de natuur zich niet altijd laat dicteren.

Hoe groot is jullie vliegploeg bij de jaarlingen, weduwnaars, weduwduivinnen ?
F & J : We vangen het seizoen aan met 120 duivers op weduwschap (30 oude duiven en 90 jaarlingen) en 80 duivinnen op weduwschap. Dat is een grote ploeg, maar we spelen nu eenmaal graag met veel duiven en zien er ook niet tegenop om de verzorging en management hiervan op onze schouders te nemen. Ondanks deze aantallen wordt geen chaossysteem gespeeld noch totaal weduwschap. Dit wil zeggen dat er voor elk van deze 200 duiven er een thuisblijvende partner is. We geloven rotsvast in het klassieke weduwschap en halen hiermee de beste resultaten.
We geloven dat bepaalde vormen van totaal weduwschap waarbij beide partners de korf ingaan voor even voor topresultaten kunnen zorgen, maar we kiezen hiervoor niet en zullen voorlopig deze weg niet opgaan. Wat dergelijke zaken betreft zijn we eerder conservatieve spelers, maar de resultaten tonen aan dat de motivatie voor de vliegduiven op deze wijze een volledig seizoen kan aangehouden worden.

Een dergelijke kolonie runnen vraagt een strakke organisatie, hoe gaat dit in zijn werk?F & J : De weduwnaars kweken alleen voor het seizoen en worden opgeleerd in april. Voor de oude duiven ligt de nadruk als start de 1e dagfondvlucht Limoges, voor de jaarduiven idem van timing maar met een zware halvefondvlucht als startsein. Doel is dat de oude duiven 6 fondvluchten voor hun rekening nemen.
We hanteren hoofdzakelijk een regime waarbij de duiven 2 weken na elkaar een vlucht vliegen en dan 1 week rust krijgen. We stemmen dan ook het trainingsregime hierop af. Zo trainen de duiven die naar een vlucht gaan tweemaal daags, de ploeg die in zijn rustweek zit vliegt slechts éénmaal daags.
Dit heeft twee redenen nl. enerzijds een vorm van opbouwen van het vliegritme naar de vlucht toe en anderzijds het praktische euvel dat er niet genoeg uren in de dag zijn om elke ploeg (weduwnaars, duivinnen, jonge duiven..) te trainen.
We hebben onze organisatie dermate geregeld dat de duif moet passen binnen onze aanpak en niet omgekeerd. Wij bepalen het schema, ritme, attitude en wie hierin niet meewil of past gaat er uit. Door het aantal duiven heeft dit tot gevolg dat we vrij vlug de uitvallers kennen en het ons ook kunnen permitteren er eentje uit te gooien. Ongetwijfeld hebben we hierdoor reeds goede duiven geëlimineerd, maar waarschijnlijk nog meer mindere goden….
Na de training worden de duiven met pinda’s binnengehaald, niet omwille van de pinda’s maar omwille van het feit dat dit een zeer goed middel is om een ploeg op een korte tijdspanne binnen te lokken en een andere ploeg aan het trainen kan.
We voederen onze duiven gezamenlijk in een eetbak en laten ze gedurende een half uur voldoende eten. Nadien wordt alles afgeruimd.

Worden er partners getoond voor de inkorving ?
F & J : Neen, geen enkele weduwnaar ziet een partner bij het vertrek naar een vlucht. Het is onbegonnen werk om voor een dergelijke groep duiven de partners op te halen en te tonen. In het verleden hebben we dit meer voor ons eigen motivatie gedaan dan blijkbaar deze voor de duiven. Enkele jaren terug was ik (Freddy) veel later terug van een oudercontactavond dan voorzien en moest nog een ploeg duiven inkorven. Ik had werkelijk niet meer de tijd en heb de duiven zonder het tonen van de schotel en zonder het tonen van de partner ingekorfd…met een zeer sterke uitslag tot gevolg. Sedertdien kiezen we voor iets minder gesleur bij de inkorving.

Hoe worden jullie weduwnaars gevoederd ?
F & J : wij kennen niets van duiveneten (wij kennen er uiteraard wel iets van, maar gaan hier af op de kwaliteit van enkele merken). Wij kiezen van een aantal gekende merken de verschillende mengelingen en mengen deze door elkaar. Zo gaan we ervan uit dat we de beste kwaliteit van de markt voederen. Bij thuiskomst krijgen de duiven steeds superdieet gevoederd om nadien geleidelijk over te schakelen, naargelang de inkorving nadert, naar deels sport en superdieet, deels sport en energie, de gekende opvoedermethodes die overal bij de voederproducenten te vinden zijn.

Hoe worden de weduwnaars medisch begeleid ?
F & J : Elke duif wordt hier op gelijke voet medisch begeleid. De kolonie is té groot om hier meer individueel te gaan werken. Waar we wel goed oog voor hebben is het behandelen van laatkomers en achterblijvers. Bij deze letten we zeer goed op dat deze de andere duiven niet besmetten en meestal gaan ze even naar de Zieken- of Herstelboeg. Voor het overige weren we ons zover mogelijk van medicatie. Ook hier heeft de tijd en ervaring ons veel geleerd.
In het verleden werden veel zaken toegediend die meer dienden om ons eigen geweten te sussen dan om het welzijn van de duiven. Alle duiven worden ingeënt tegen paratyfus en paramyxo. Daarnaast wordt de ganse kolonie medio april gekuurd tegen tricho. Voor het overige wordt wel zeer sterk gewaakt o.b.v. tussentijdse medische check-ups of alles in orde is. We werken heel proactief en weinig reactief.
We hebben ondertussen ervaring genoeg om te zien aan het trainings- eet- en vlieggedrag of de duiven in goede gezondheid verkeren of niet. Wel worden de gele druppels ter preventie van tricho toegediend (hetzij in de bek, hetzij in de drinkpot).

Hoe maniakaal worden de hokken hier gereinigd ?
F & J : ook zo een item waar we onszelf ontnuchterd hebben door een aantal zaken uit te testen. De hokken van de kweekduiven worden dagelijks gepoetst. Op de hokken van de weduwnaars en de jonge duiven wordt in het begin van het seizoen tarwestro op de bodem gelegd. De duiven vertoeven hier graag in en op en het komt het hokklimaat ten goede. Vorig seizoen hebben we bij de weduwnaars ook de bakken niet gepoetst….gedurende het ganse seizoen niet. In zoverre dat de duiven een hoopje mest als rustplaats hadden. We hebben vastgesteld dat, wanneer de basisgezondheid goed zit, je tussentijds de situatie goed opvolgt, dit geen nefaste gevolgen heeft voor de duiven, wel integendeel, ze voelen zich meer thuis dan op kraaknette hokken. Voor de duivinnen verschilt dit (zie deel 2).

Worden de weduwnaars verduisterd ?
F & J : De weduwnaars zijn niet verduisterd geweest, we hebben hier geen ervaring mee en hebben dit nog niet uitgetest. Wel zijn ze bijgelicht vanaf de langste dag tot de laatste vlucht. We vonden dit heel geslaagd en zagen dat dit sterk bijdroeg tot de handhaving van het conditieniveau en het trainingsgedrag van de duivers.

Krijgen de weduwnaars nog voedingssuplementen ?
F & J : Ook hier hebben we een aantal zaken gewijzigd. In het verleden hebben we ook dit maniakaal gedaan uitgevoerd met allerlei ‘toespijs’ in de drinkpot en over het voer. Nu zouden we nog wel eens een pot probiotica gebruiken (omdat we die meestal hebben gekregen bij één of andere promotie of huldiging) maar nadien wordt meestal vergeten om dit te bestendigen. Het kan voor velen raar klinken maar we zijn er meer en meer van overtuigd dat dit niet nodig is wanneer de basisgezondheid goed zit. Goed uitgebalanceerd voer en vooral goede duiven is de leidraad die we volgen. Veel te veel denkt de speler in de plaats van de duiven en worden bepaalde handelingen gespiegeld aan het gedrag van de mensen zelf….maar de duif weet meestal beter. Bij thuiskomst krijgen de duiven steevast electrolyten en eiwitten om het herstel zo vlug mogelijk te laten verlopen. Daarnaast voldoende grit en vitamineral en dit zeker in de eerste dagen na de vluchten. Zo kunnen de tekorten aan zouten en mineralen het vlugst terug aangevuld worden. En daarmee is de kous af.

Topresultaten als beloning voor de inzet
Om al het voorgaande te staven met resultaten en topduiven geven we hierna een greep uit het quasi onnavolgbare palmares wat Jacques en Freddy reeds hebben opgebouwd en aan het opbouwen zijn.
Dit als afsluiter van deel 1 van deze reportage. In deel 2 gaan we dieper in op het spel met de weduwduivinnen en de jonge duiven en voegen daar dan ook nog wat resultaten en topduiven aan toe.

Nationale overwinningen
1e Chateauroux 18.499d 2017 jonge duiven
1e Libourne 3.950d 2017 jaarse duiven
1e Argenton 13.629d 2016 oude duiven
1e La Souterraine 6.205d 2015 jaarse duiven
1e Libourne 6.658d 2013 oude duiven
1e Libourne 6.134d 2013 jaarse duiven
1e Narbonne (intern) 5.098d 2012 duivinnen
1e Tulle 6.345d 2011 jaarse duiven
1e Argenton 5.763d 2010 oude duiven
1e Bourges 27.506d 2009 oude duiven
1e Bourges 22.499d 2009 jaarse duiven
1e Gueret 1.626d 2002 oude duiven
1e Gueret 640d 2002 duivinnen
1e La Souterraine 17.315d 2001 jonge duiven
1e Bourges 4.225d 2001 duivinnen
1e Gueret 1.311d 2000 oude duiven
1e Gueret 794d 2000 duivinnen
1e Bourges 44.185d 1999 jonge duiven
..of wat we een indrukwekkende zegelijst mogen noemen. Wie deed dit hen ooit na ?

Op de voorbije Olympiade in Polen waren er 2 duiven van hun hokken vertegenwoordigd nl :

Olympic Tygo (BE15-4130410)
Deze supercrack behaalde naast zijn Olympische nominatie de titel van 2e asduif fond KBDB 2018 na de supercrack Armando van Joël Verschoot. Hij komt uit winnersbloed en zijn vader vloog de 1e natonaal Libourne, wat als bloedlijn moeilijk beter kan

Olympic Mercy (BE15-4130412)Olympic Mercy komt langs vaderszijde uit de topkweeklijn van superverervers Mattheo en Morgane gekoppeld aan een duivin van Gerard Itterbeke uit Zomergem die eveneens een palmares heeft om U tegen te zeggen.

Met deze twee sterren sluiten we dit eerste deel af, waaruit we als hoofdconclusie weerhouden dat het statement “goed x goed” meer kans op succes geeft, maar dat de resultaten die Jacques en Freddy neerzetten niet de gevolgen zijn van lukraak erop los schieten, maar van een doorgedreven inzet, een winnersmentaliteit en het geloof in de goede duif. Maar vooral willen we afsluiten met een quote van Jacques en Freddy “goede is duiven is een must om aan de top te staan, maar zonder de ongelimiteerde inzet van de melker worden deze resultaten ook niet behaald”.

Een proficiat is hier dan ook op zijn plaats !

Wordt vervolgd

Geert Dhaenens