Raf Van Den Berghe (Zwalm) een verborgen fondparel !

  • News
Published on: 26/02/2019 16:48

Munkzwalm, Zwalm, een paternoster van mooie dorpen aan de voet van de Vlaamse Ardennen en uitgestrooid rond de Zwalmbeek. Een toeristische trekpleister voor wie houdt van rustig vertoeven in een prachtige natuur met zacht glooiende landschappen, met mooie wandelpaden langs de Zwalmbeek met zijn mooie watermolens.
In die omgeving is de 77-jaar jonge Raf Van Den Berghe geboren en getogen. Mits een uitwijkmanoeuver van enkele jaren naar Herzele, de roots van zijn vrouw Norma, keerde hij na zijn huwelijk in 1969 vrij vlug terug naar zijn heimat.
Er is naast deze honkvastheid nog een constante, namelijk de duivensport. Hij kreeg dit met paplepel mee en het stond in de sterren geschreven dat hij dit later ook op eigen houtje zou doen. Meteen na zijn verhuis naar de huidige woning werd gestart met de duiven. En vrij vlug was de passie voor het zwaardere vliegwerk aanwezig.
Hoewel dit beroepsmatig niet evident was, Raf was een gespecialiseerd motorenrevisor (zware dieselmotoren) en klopte hierbij lange dagen en veel uren, werd er vastgehouden aan zijn hobby. Dit met heel veel hulp en steun van zijn vrouw Norma.

Op zoek naar de goede duif
Raf is een volharder en een doorbijter en wat hij in zijn hoofd heeft als plan zal hij uitvoeren. Hij wou en zou goede fondduiven hebben. Hiervoor werd geen moeite noch kilometers gespaard om duivenverkopen te bezoeken, duiven te keuren en een goed beeld te krijgen van wat de goede fondduif is. Dit werd gevolgd door enkele goed gerichte aankopen. Door de jaren heen is er een eigen stam gesmeed uit dit alles en selectief wordt er nog wel eens een duivin bijgehaald om de stam “Van Den Berghe” te versterken. De basis is voor een groot deel gevormd uit de duiven van Daniël Van Ceulebroeck uit Balegem. Daniël bezit een vijfsterrenkweekhok voor de fond en is reeds zijn leven lang op zoek naar de beste duif en spaart hiervoor geen moeite en middelen. Raf is met de duiven van Daniël echt goed gelukt en kweekte uit deze duiven een 1e nationaal Limoges en nog tal van topduiven.
Het was de BE04-4030534 die als 2 jaarse duif de 1e nationaal Limoges (2006) vloog en de snelste duif was van 13.463 duiven. Deze duif was de bekroning van de kweekstrategie met in zijn aderen vooral het bloed van de Van Ceulebroeck-duiven uit de lijn van de Admiraal van Daniël.


Bijkomend werden duiven met Van Der Wegen-bloed gezocht en bijgehaald via fondicoon Cees De Jong uit Steenbergen-Nederland. Met een duivin gekocht op de verkoop van Bram Walpot, een duiver van Denis Druwez, duiven van Michel en Filip D’Hondt, Gerard Labiau en wijlen Robert Van Eycken (via Marc De Groote) is Raf goed gelukt. Uit dit alles heeft hij zich een eigen stam gekneed door zeer selectief te koppelen, verstandig en rustig opleren als jonge duif, maar nadien keihard selecteren bij duivenweer.
De goede fondduif is voor Raf een duif uit de middelmaat met zachte pluim, een stevige wiek met korte voorarm en fijne pennen (en bij voorkeur de 3 laatste goed geventileerd) en een zeer sterk gepigmenteerd oog. Raf is liefhebber van sterke, goed getekende, gekleurde ogen. Voor hem is dit hét teken van bloedsterkte, mordant en verervingskracht. Hij heeft dit niet uit de boekskes gehaald maar dit is gestoeld op meer dan 40 jaar ervaring en selectie gestaafd met sterke resultaten. De enkele duiven die we in de hand kregen waren het typevoorbeeld van zijn stijl van duiven, duiven met uitstraling en panache.

Verzorging zo dicht mogelijk bij de natuur
Een goede duif is per definitie minder ziek dan anderen ! Een verzorging en selectie zo dicht mogelijk bij de natuur is het credo van Raf. Voor het zware werk mag een duif niet afhangen van veel supplementen of medicatie, dan gaat dit vroeg of laat ten koste van de kwaliteit van je duivenkolonie. Met deze slagzinnen voorop wordt de kolonie van Raf gerund.
Er huizen 18 kweekkoppels en het merendeel zijn dit bewezen duiven. Op het weduwnaarshok starten er voor het seizoen 2019 25 oude duiven en 27 jaarse. De jaarse duiven hebben als jonge duif slechts 3 maal Noyon gevlogen. Raf start pas met het opleren van zijn jonge duiven eens het fondseizoen op zijn einde loopt. Pas na Perpignan wordt er tijd gemaakt om jonge duiven in te korven. De 80 jonge duiven die voor eigen gebruik worden gehouden worden niet verduisterd of op weduwschap gehouden. Ze mogen, zonder veel poespas, de omgeving leren verkennen en worden een 6-tal keer met eigen vervoer weggebracht tot Peruwelz. Na Peruwelz gaan ze een drietal keer de korf in voor Noyon (nooit Quievrain uit schrik van teveel verliezen).


Als jaarduif worden ze in het begin van het seizoen rustig klaargestoomd met een tweetal keer Noyon om dan enkele vluchten van 300 km af te werken. Eens ze dit onder de knie hebben worden ze goed doorgespeeld met voor enkelen zelfs de vlucht uit Narbonne. De meeste jaarlingen vliegen twee of drietal keer een dagfondvlucht.
De weduwnaars kweken niet voor het seizoen. Ze worden op 25 maart gekoppeld en mogen een 10-tal dagen broeden. Van de beste vliegduiven tracht Raf de eieren te verleggen om zo toch iets vroeger de kweekpotentialiteit te ontdekken. Tot zolang de ochtenden fris zijn wordt slechts éénmaal daags getraind, en dit met gesloten venster. Waar Raf veel energie in stopt is het individueel voederen en drinken van elke weduwnaar in zijn eigen nestbak tijdens het vliegseizoen. Deze observatie van het eet-en drinkgedrag leert hem veel bij over de conditie van de duif.
Het voeder is een mengeling van een aantal topmerken. Raf koopt deze vliegmengelingen en mengt ze voor het seizoen door elkaar. Dit voer is en blijft hetzelfde voor het ganse seizoen. Raf is er stellig van overtuigd, en treedt hier Gerard Koopman bij, dat een duif veel beter weet wat ze van voer nodig heeft dan de melker dit denkt te weten. Wat hem hierbij opvalt is dat niet elke duif hetzelfde eet en dat wat ze uit het voer pikken sterkt verschilt na thuiskomst van een vlucht of net voor de inkorving.
Om ze baktrouw te maken en territoriumdriftig te houden krijgen ze dagelijks een snuifje snoepzaad in hun nestbak. Ook bij thuiskomt van een (zware) vlucht krijgen de duiven na een half uur een beetje snoepzaad als beloning en pas enkele uren later een grote lepel dagelijks voer.


Voor het overige weinig supplementen of afgeleiden. Raf gelooft hier weinig in en wantrouwt de commerciële invalshoek van deze zaken. Biergist, look, groentensap, thee zijn de vaste ingrediënten op het voer of in de drinkpot. Vitamines krijgen de duiven nooit met uitzondering van electrolyten bij thuiskomst van de vlucht. Voor het overige zuiver water in de drinkpot. Raf is (met uitzondering van de verplichte inentingen) de laatste 5 jaar nooit meer bij de veearts op bezoek geweest. Hij meent zelf genoeg te weten of zijn duiven gezond zijn of niet…en deze die dit regime niet aankunnen gaan eruit. Zonder blind te zijn voor de ‘grote gevaren’ van de duivensport wordt jaarlijks voor het seizoen 10 dagen Parastop toegediend (alhoewel de hokken heel netjes worden gehouden) en tijdens het broeden voor het seizoen een kuur van 5 dagen tegen tricho. Nooit wordt iets voor eventuele kopziekten gegeven en bij voorkeur gedurende het ganse seizoen niks van medicatie. Het trainingsgedrag en de vluchtresultaten en zijn eigen observatie zijn de conditiebarometers van Raf voor zijn duiven. Mocht hij hier een dip vaststellen zal hij ingrijpen, maar bij voorkeur doet hij dit niet. Hij doet dit op eigen houtje en zal hiervoor nooit een veearts consulteren.

Pointeren met de kleine korf
Met een ploeg van 25 oude duiven de ambitie hebben om de dagfond en zwarefondkalender af te haspelen is geen evidentie (inclusief de vluchten op de Rhônevallei). En dat is nu net wat Raf jaarlijks tracht te doen. Omdat de duiven toch ook nog best eens rusten tussen twee vluchten in, is het goed uit de doppen kijken om voldoende duiven te kunnen inkorven. Zo is Raf eigenlijk een scherpschutter met weinig kogels en mag er niet veel gemist worden. Geregeld korft hij 1 of 2 duiven in op een zwarefondvlucht en heeft die dan ook op de uitslag. Maar ook bij Raf gaat al eens een goede of regelmatige duif verloren of kom er eentje gekwetst thuis…
Om te illustreren hoe deze beperkte ploeg aan de slag moet, hierna de resultaten van de lokale vluchten seizoen 2018 (in het inkorflokaal Elst kruist Raf wekelijks de degen met Marc & Franky Van De Walle, Tom & Marnick Van Gaver, Yvan Haelters,…) wat het niveau van tegenstand illustreert.
Valence 30d 1 (1/2)
Montélimar 24 4 (1/1)
Marseille 1,7 (2/2)
Cahors 95d 5,9 (2/2)
Barcelona 144d 4 (1/1)
Limoges 270 jl 20,24,34,35,37,40,66,74,88 (9/12)
Sint Vincent 74d 6,11,16 (3/3)
Jarnac 142 d 1,8,13 (3/3)
Narbonne 104 o 9 (1/2) 101 jl 3 (1/1)
Tulle 181d 6,16 (2/2)
Perpignan 132d 15 (1/3)
Angoulème 52d 2,13,15 (3/3)

De kopprijzen resulteren ook steevast in nationale topprijzen op de fond en zware fond. Door het feit dat Raf heel regelmatig zijn 1e en 2e afgegeven duif binnenhaalt scoort hij ook sterk in een aantal klassementen :
- 2017 KBDB Oost-Vlaanderen 3e asduif grote fondprijs
7e fond met oude en jaarlingen
- 2018 Lokaal Elst 2e algemeen kampioen fond - 2e kampioen zware fond - 2e kampioen fond - Fondclub de Wallonie - 2e Flandrien van het jaar - 2e asduif internationaal 5 jaar Marseille
- Grandslam of Belgium: 1e nationaal Superprestige - 2e nationaal Marathon - 10e Champions League Decathlon - 13e Steeple Cinq
- Vierdaagse van de Zwalmvallei: 4e Grote Fond
- AJD (Oost-Vlaanderen): 4e Grote Fond - 18e Fond
- Pipa-IATP Ranking 2018: 7e nationaal 1e afgeg Pau, Barcelona, Sint Vincent, Marseille, Narbonne, Perpignan 36e Internationaal

Een tweetal kleppers lichten we uit deze kwaliteitsvolle ploeg namelijk de :

“As 222” BE13-4135222
Deze topduif wist zich 3 x nationaal top te klasseren op de zwaarste vluchten (zie zijn uitschieters op de foto hierna)

“De Gouden Marseille” BE12-4254299
Deze hardrijder op de Rhônevluchten is de 2e duif in het klassement van 5 jaar opeenvolgend geklasseerd op de zwaarste vlucht uit de Rhône, nl. Marseille
Hij vloog nationaal :
2014 349e
2015 1355e
2016 210e
2017 1266e
2018 898e
Dit is een duif die nooit afgeeft en daarbij nooit vermoeid thuiskomst van een zware vlucht.

Het hoeven niet altijd de grote korven te zijn die de schijnwerpers halen, hier en daar huizen nog mooie verborgen parels met de kleine korf die het aandurven om ook op elke vlucht, weliswaar met een beperkt aantal duiven, in de arena te staan tussen de megahokken….en met resultaat. De sprekende klassementen met 1e en 2e afgegeven duif zijn hiervan het bewijs.
Raf is een gepassioneerd, gemotiveerd winnaarstype. Op zijn eigen wijze, gebaseerd op heel veel ervaring, beseft hij heel goed dat kwaliteit en niets anders dan kwaliteit de belangrijkste factor is wanneer men zich waagt op het pad van de fond en de zware fond. Met duiven die nooit opgeven of plooien hoeft je niet veel hocuspocus uit te richten in de verzorging. Hou ze gezond, dicht bij de natuur, geef ze wat ze zelf van de natuur verlangen en de prestaties zullen wel volgen. “Je moet melker zijn op je hok” zegt Raf met veel vuur in zijn stem, waarmee hij bedoelt dat je goed moet observeren en het gedrag van je duiven in de gaten houden. Is dit niet het talent van de echte winnaar ?

Proficiat Raf met deze sterke prestaties met de kleine korf op hoog niveau.

Doe zo verder, vanwege het Herbotsteam

Geert Dhaenens